Moederdag

Het was de tweede dag van de vijfde maand en tweeduizendenzes jaar na de geboorte van Jezus Christus. Althans dat is wat de Christenen ons willen doen geloven. Voor mij was het gewoon 2 mei 2006. Ik had gewerkt. Ik werkte elke dag. Als ik werkte hoefde ik niet na te denken. Ik moest wel nadenken. Ik hoefde alleen niet te denken over mijn zieke moeder. Ik kon het even verdringen. Tijdens de pauzes duwde ik wel met tranen in mijn ogen een McDonald’s burger door mijn strot, of andere etenswaren. Als het druk was in de winkel hoefde ik niet te denken. Niet denken is heerlijk. Ik ging altijd met de bus naar mijn werk. ’s Avonds moest ik een sprintje trekken om mijn bus te halen. Ik zat dan hijgend in de bus. Heerlijk. Sporten, werken en groen denken. Alles in één keer. Op de terugweg van het centrum van mijn toenmalige woonplaats naar huis kreeg ik al een vreemd gevoel. Ik kreeg kippenvel. Een vreemd gevoel in mijn maag. Een soort van vlinders, maar dan zonder het fijne verliefde gevoel erbij. Het kan trouwens dat ik mij dit naderhand allemaal heb ingebeeld. Ik weet het niet meer. Ik herinner mij nog weinig van de die dagen. Te weinig.

Lees verder